Op dit moment lopen veel zelfstandig opererende initiatiefgroepen vast bij de vraagbundeling. Het initiëren en opzetten van het complete bewonersinitiatief is afgerond en er kan gestart worden met de daadwerkelijke vraagbundeling. Aan enthousiasme geen gebrek. Na een zeer intensieve vraagbundeling blijkt het benodigde aantal inschrijvingen niet behaald. We zien het terug in Overijssel bij afgeronde vraagbundelingen van bijvoorbeeld SallandGlas en VechtdalBreed, maar ook elders in Nederland bij GlaswebVenray. Hoe is het mogelijk dat de doelstellingen bij lange na niet gehaald worden met zoveel enthousiasme en inzet?

Eigenlijk is het antwoord te geven met één afbeelding. De Innovation Curve. Deze theorie van Everett Rogers (socioloog) vertelt iets over de verspreiding van productinnovaties. De levenscyclus van een innovatie doorloopt vijf verschillende groepen die een innovatie accepteren. Wanneer we dit model afzetten tegen alle vraagbundelingen in het buitengebied de afgelopen jaren dan zien we een duidelijke overeenkomst.
Innovationcurve

De innovatie curve start namelijk met Innovators, deze groep bevat zo’n 2,5% van de bevolking. Mensen die altijd het nieuwste van het nieuwste willen hebben. Lokale initiatiefnemers en ambassadeurs van een breedband initiatiefgroep vallen vaak binnen deze groep. Vervolgens komen de Early Adopters. Deze groep wordt gekenmerkt door mensen die de overtuiging van de innovators overnemen. Wanneer we een koppeling maken met bewonersinitiatieven die voor glasvezel gaan zien we in de praktijk dat deze tijdens de vraagbundeling zo’n 15-30% van de bewoners weten te interesseren met hun aanbod. De praktijkvoorbeelden onderschrijven dus dit managementmodel. De innovators en early adopters komen samen tot ongeveer 16% van de bevolking. Een deel van de early majority zal vanwege het saamhorigheidsgevoel of door sociale druk besluiten om deel te nemen. In zowel de praktijk als theorie blijkt dus dat het vrijwel onmogelijk is om 60% van een gebied met een sterk uiteenlopende doelgroep te overtuigen om een abonnement te nemen. Onderdeel van 60% deelnemers zijn namelijk de Early en de Late majority, een groep die zich kenmerkt door het afwachten van resultaten en ervaringen. 

Vooruitzichten

De komende jaren blijft de breedband behoefte toenemen. Zo sterk zelfs dat in 2020 de gemiddelde Nederlander een downloadsnelheid van 165 mbps nodig heeft. Een factor 20 ten opzichte van de mogelijkheden die de huidige infrastructuur mogelijk maakt in de witte gebieden.
Hoe langer het duurt voordat er een breedbandaansluiting gerealiseerd gaat worden hoe groter het aantal deelnemers aan een initiatief. Enerzijds vanwege de vraag naar breedband die ieder jaar exponentieel toeneemt maar anderzijds vanwege het feit dat afwachten dus geen alternatief met zich mee brengt. Met het gegeven dat marktpartijen zoals Reggefiber/KPN en Ziggo geen passende oplossing hebben maakt dat men gezamenlijk moet aantonen interesse te hebben en te willen participeren. Onderzoekers en beleidsmakers stellen dat er steeds meer centralisatie plaatsvindt en er een leegloop dreigt in de buitengebieden van Nederland. Een NGA netwerk zal dus onvermijdelijk gerealiseerd moeten worden om de leefbaarheid te stimuleren en te voorkomen dat de leegloop blijft toenemen. Tot 2020 heeft de verstedelijking namelijk tot gevolg dat er zo’n 15% van de inwoners zal verdwijnen in deze landelijke gebieden. Een toekomst vaste breedbandinfrastructuur kan dit in ieder geval beïnvloeden. Het ontbreken van zo’n infrastructuur zal het alleen maar doen toenemen.